Geschiedenis

Opgericht in 1883 – op zes na oudste club van Nederland
Met 16 augustus 1883 als oprichtingsdatum is DFC op zes na de oudste voetbalvereniging van het land. Van oorsprong was DFC een cricketclub. Voetbal bleek echter al snel een veel populairdere sport te zijn. In 1891 werd voetbal officieel toegevoegd aan de naam en heette de club voortaan Dordrechtsche Cricket & Football Club. In 1899 had voetbal het cricket helemaal overvleugeld. Vanaf dat jaar noemden de leden hun club de Dordrechtsche Football-Club DFC.

Vier bekerfinales
DFC kan dan ook buigen op een roemrijk verleden. Zo was het Dordtse rood-en-wit vertegenwoordigd in vier KNVB-bekerfinales met de Holdert-bokaal als sportieve inzet. In mei 1914 veroverde DFC de trofee door Haarlem met 3-2 te verslaan. In juli 1932 gevolgd door een 5-4 overwinning in de bekerfinale op PSV. In 1955 waagde DFC de stap naar het semi-professionalisme, het betaalde voetbal. Het knusse terrein aan de Markettenweg, goed voor een aantal interlands van het Nederlands elftal, was op dat moment al lang en breed ingeruild voor het stadion aan de Krommedijk. Op 29 februari 1948 speelde DFC tegen Feyenoord voor 13.000 bezoekers z’n laatste wedstrijd aan de Markettenweg, met een 4-1 zege als resultaat.

Betaald voetbal
Zo’n vooraanstaande rol als bij de amateurs heeft DFC in het betaalde voetbal niet kunnen spelen. Al was de Dordtse voetbalvereniging in 1960 tot twee keer toe dichtbij promotie naar de eredivisie. Veelal was DFC echter terug te vinden in de eerste divisie van het betaalde voetbal, met een onderbreking van vier jaar. In 1966 promoveerde DFC na een 1-0 zege bij Baronie vanuit de tweede divisie B. Eén jaar eerder was al het kampioenschap behaald, maar promotie bleef achterwege na een beslissingswedstrijd tegen Cambuur. Ook in de daarop volgende nacompetitie met Xerxes, Helmondia’55 en AGOVV kon DFC de promotie naar de eerste divisie niet afdwingen. Vanaf 1967 was dat weer wel het geval. Vijf jaar later was het gedaan met DFC als betaald voetbalorganisatie. Na een overgangsjaar in 1973 keerde rood-en-wit terug naar de rijen der amateurs. FC Dordrecht nam de licentie over.

Twaalf leden speelden ooit voor Oranje
In de Dordtse regio staat DFC vooral bekend om zijn goede jeugdopleiding. René van der Gijp en Michel Valke bereikten er zelfs het Nederlands elftal mee. De laatste speler die als DFC’er Oranje haalde was Jan Klijnjan, vooral gevreesd om zijn verwoestende afstandsschoten. In totaal leverde DFC elf internationals aan het Nederlands elftal, met Kees Mijnders als bekendste onder hen. Elek Schwartz, Hans Kraay sr., Piet de Visser en Ludwig Veg waren in naam de meest aansprekende trainers. Met het Clubnieuws DFC heeft de vereniging het oudste cluborgaan van het land, sinds 1903.

Tegenvallers
De laatste jaren kampte DFC evenals tal van andere clubs met financiële tegenvallers. Die raakten ook de sportieve prestaties, waardoor de roemrijke club in de versukkeling dreigde te komen. Het bestuur besloot begin 2006 tot drastische maatregelen. Na onderzoek kwam het tot de slotsom dat de overlevingskans op zondag vrijwel nihil was. Oorzaken? Tegenvallens, een almaar kleiner wordende jeugdafdeling, lagere inkomsten op zo goed als alle onderdelen en een tekort aan kader en vrijwilligers.

Zaterdagvereniging
De leden werd zodoende voorgesteld om de zondagsectie op te heffen en de voetbalactiviteiten geheel te concentreren op het zaterdagvoetbal. Eind april 2006 stemde de ledenvergadering hiermee in. DFC begon dus met ingang van het seizoen 2006-2007 aan een nieuwe start. Als volledige zaterdagvereniging in de vierde klas.

Dordrecht, augustus 2008